Dominiek Lootens

Home » Vlaamse Gemeenschapscommissie

Category Archives: Vlaamse Gemeenschapscommissie

Brusselse school schaft Moederdag af: politiek-correcte dwaasheid in het kwadraat!

moederdagVier dagen voor moederdag kregen ouders van kinderen van de Singelijn-school in het Brusselse Sint-Lambrechts-Woluwe een brief mee waarin gemeld werd dat de kinderen op school niet langer moederdag en vaderdag zullen vieren door het knutselen van cadeautjes.  Want, zo stelt de school, in de school zitten ook kinderen van andere culturen waar moederdag niet gevierd wordt.

Ten zoveelste male worden onze tradities geofferd op het altaar van de politiek-correcte nonsens.  Anno 2017 stellen we vast dat in Brussel een Kerstmarkt omgedoopt wordt tot ‘Winterpret’, dat Sinterklaas er met zijn Zwarte Pieten niet langer welkom is, dat halaleten in scholen meer regel dan uitzondering is (ook in de Singelijn-school is het trouwens tevergeefs zoeken naar varkensvlees op het menu), en dat het begin van het nieuwe schooljaar maar moet worden uitgesteld omwille van een islamitische feestdag.  En nu moeten ook moederdag en vaderdag er aan geloven.

Dat alles staat dan in schril contrast met het feit dat er in Brussel wél belastinggeld wordt vrijgemaakt om via een heus festival de ramadan te promoten. Nog even en de integratie en inburgering van de autochtone Brusselaar in de islamitische samenleving kan worden afgerond. Wanneer zelfs de vroegere profeten van de multicultuur (zoals Karel de Gucht) nu stellen dat de integratie totaal mislukt is, moeten we niet ver gaan zoeken naar de oorzaken.  Het Vlaams Belang stelt opnieuw vast dat ‘respect’ namelijk een eenrichtingsstraatje blijkt te zijn waarbij de Brusselaar zich in eigen stad willens nillens dient aan te passen aan andere culturen, op straffe van ‘racist’ te zijn.

Het Vlaams Belang wenst alle mama’s alvast een prettige Moederdag, nu zondag. Liefst mét leuke, zelfgeknutselde geschenkjes van hun kleine spruiten.

Daarom zal de Brusselse Vlaams Belang-afdeling deze namiddag aan een Brusselse basisschool bloemen uitdelen aan de aanwezige mama’s.

Promotie ramadan met belastinggeld: onaanvaardbaar

bombathonBrussel – de stad waar de Sint niet langer met zijn Zwarte Pieten welkom is, de Kerstmarkt werd omgedoopt tot ‘Winterpret’ en op heel wat scholen enkel nog halalvoedsel te krijgen is –  krijgt dit jaar voor het eerst een “ramadanfestival” om het islamitische feest te promoten.

Met het festival wil de organiserende Brusselse ‘vzw Vormingplus Citizenne’ de ramadan bekendheid geven bij de niet-moslims. De ramadan start op zaterdag 27 mei en eindigt op 25 juni met het Suikerfeest.

De vzw Vormingplus Citizenne is een zogenaamde “volkshogeschool” en ontvangt jaarlijks van de Vlaamse regering een subsidie van zo’n 400.000 euro, alsmede projectsubsidies vanwege de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

Het is nog maar de vraag om het aan een ‘volkshogeschool’ is om religieuze feesten te organiseren, en religieuze gebruiken te promoten. Het is nog meer de vraag of dit allemaal dient te gebeuren met belastinggeld.

Het “argument” van de organisatoren dat het niet om een religieus feest zou gaan is natuurlijk klinkklare nonsens. De ramadan is een religieus gebeuren bij uitstek; het is één van de vijf zuilen van de islam! Ook het “argument” dat men met het gebeuren moslims en niet-moslims wil samenbrengen om elkaar te leren kennen is redelijk bij de haren getrokken, aangezien dat “samenbrengen” enkel maar kan onder de voorwaarden van de ramadan en de islam. Het “samenleven” wil blijkbaar zeggen dat de Brusselaars zich moeten inleven in de islamitische gewoontes, en dat onze eigen Europese tradities, gebruiken, gewoontes, … moeten verdwijnen of worden omzwachteld om “niet te polariseren”. Geen Zwarte Pieten, geen varkensvlees op school, het Paasfeest wordt lentefeest, de Kerstmarkt wordt Winterpret…maar de ramadan, die moet met belastinggeld gepromoot worden.

Het spreekt dan ook voor zich dat het Vlaams Belang zowel in het Vlaams Parlement als in de VGC de nodige vragen zal stellen over dit ongeoorloofde gebruik van belastinggeld door de vzw Vormingplus Citizenne.

Nieuw inschrijvingssysteem Nederlandstalig onderwijs Brussel: van de regen in de drup

onderwijs NVan de regen in de drup: anders kan je het nieuwe inschrijvingssysteem voor het Nederlandstalig onderwijs in Brussel niet noemen. Het inbelsysteem van eerst komt, eerst maalt wordt vervangen door een loting, omdat de populairste scholen soms reeds na drie, vier seconden al helemaal vol zaten.

Volgend jaar, voor de inschrijvingen 2018-2019, wordt de tijdsregistratie dus vervangen door een loterij tussen alle leerlingen die geregistreerd werden. Een systeem dat op geen enkele manier een verbetering is voor de ouders en de leerlingen. In tegendeel: de onzekerheid voor ouders en leerlingen wordt er enkel maar groter op, omdat men nu helemaal niets meer zelf in de hand heeft.

Naast een significante capaciteitsuitbreiding is er maar één enkele manier om de Vlaams-Brusselse leerlingen op een bevredigende manier ingeschreven te krijgen in de school van hun keuze, en dat is het eindelijk invoeren van een absoluut voorrangsbeleid voor Nederlandstalige leerlingen in het Nederlandstalig onderwijs.

Dat absolute voorrangsbeleid heeft daarnaast ook nog eens het voordeel dat het de kwaliteit van het onderwijs in onze scholen drastisch zal laten toenemen : de aanwezigheid van een te groot aandeel zo goed als Nederlandsonkundige leerlingen is een rem op de ontwikkeling van de andere leerlingen in de klas, zo blijkt uit vorige PISA-rapporten. Enkel zo kunnen we er voor zorgen dat ieder Nederlandstalig kind in de hoofdstad van Vlaanderen de onderwijskwaliteit krijgt waar het recht op heeft.

Kortom : enkel een stevige rem op de aanwezigheid van nederlandsonkundigen of quasi-nederlandsonkundigen, gecombineerd met een absoluut en niet-restrictief voorrangsbeleid voor Brusselse Vlamingen, kan ons onderwijs uit het slop halen. Alle andere opties zijn hoogstens wat doekjes voor het bloeden.

Het Vlaams Belang bereidt daarom in de Vlaamse Gemeenschapscommissie een ruimer initiatief met betrekking tot deze problematiek voor.

Eerste no-go zone in Molenbeek reeds in 1739

brussel1745

Brussel omstreeks 1745

Onder de titel ‘Brusselse ordonnanties en regelgeving in de 17de en 18de eeuw’ opende gisteren (8 december) in de gebouwen van de Raad van de VGC een interessante tentoonstelling. Tientallen originele stukken uit de 17de en 18de eeuw – afkomstig uit de privécollectie van een Brussels advocatenkantoor – tonen een beeld van het Brussel van toen.

Wanneer je de tentoonstelling bezoekt, vallen twee zaken op

1.Het is soms grappig om zien hoe bepaalde problemen van vandaag de dag ook toen reeds het onderwerp vormden van Brusselse regelgeving. Zo vindt de bezoeker ordonnanties over het ophalen van huisvuil, maar bijvoorbeeld ook over de taksen op het openhouden van wijnhuizen. Met de Brusselse ‘danstaks’ in het achterhoofd…

Maar evengoed is er een stuk uit 1739. Brussel inde toen accijnzen op bier dat de stad werd ingevoerd. Men stelde echter vast dat heel wat Brusselaars zich ’s avonds buiten de stadsmuren begaven om in Molenbeek bier te gaan drinken, waarop Brussel geen accijnzen kon heffen. Dat veroorzaakte in Molenbeek overlast, en de politie werd er op afgestuurd. Het kwam tot rellen, en de politie moest gaan lopen. Kortom: in 1739 was de eerste no-go zone van Molenbeek reeds een feit.

 

2. Op de ene uitzondering die de regel bevestigt na, waren al deze reglementeringen en ordonnanties opgesteld in het Nederlands of het Diets. De fabel dat Brussel reeds van in de late middeleeuwen een francofone stad zou zijn, wordt ook zo weer regelrecht naar het rijk der fabelen verwezen. De Vervoorts, Gosuins en Vanhengels van deze wereld moeten de tentoonstelling maar eens bezoeken.

En dat bezoek is trouwens gratis, van maandag tot vrijdag tot 18.00 uur in de gebouwen van de Raad van de VGC – Lombardstraat 67. In samenwerking met de Vlaamse Club voor Kunst, Wetenschap en Letteren. Zeker doen!

Taalwetgeving in Brussel: voor CD&V en co niet meer dan een vodje papier

grouwels-picque

Grouwels, even Vlaamsvoelend als PS’er Picqué

Naar aanleiding van een recent debat in de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie werd vandaag in diezelfde VGC gestemd over een motie van Vlaams Belang fractievoorzitter Dominiek Lootens, waarin er bij de Brusselse en bij de federale overheid wordt op aangedrongen om de taalwetten in Brussel na te leven. Niets meer, niets minder.

Op zich is het al erg dat men het naleven van de wet moet gaan vragen via parlementaire moties. Dat ministers en parlementairen bij aanvang van hun mandaat een eed afleggen waarin ze beloven de wetten na te leven is – zeker wanneer het de taalwetten betreft – blijkbaar enkel maar voor de schone schijn.

Dominiek Lootens riep op om vanuit de Vlaamse partijen in Brussel een motie te steunen waarin slechts gevraagd wordt de taalwetten na te leven. Maar behalve de N-VA bleek niemand in de VGC de moed te hebben deze motie ook effectief te steunen.

Dominiek Lootens: Vooral de houding van de Brusselse CD&V en “Meer Brigitte, minder Frans” Grouwels is werkelijk beneden alle peil. Zo stelde Grouwels dat de niet-naleving van de taalwetten weliswaar een zeer ernstig probleem is en blijft, maar dat gewoon een motie stemmen onvoldoende is om de Brusselse regering tot betere gedachten te bewegen. Hoe hypocriet kan men zijn? De CD&V zit al sedert mensenheugenis in de Brusselse en federale regering, en heeft daar nog nooit de problematiek van de taalwetgeving aangekaart. Zelfs in de VGC was de CD&V voortrekker om een diepgaand debat hierover van de parlementaire agenda te weren. Zelf decennialang niets doen, en dan komen verklaren dat wanneer iemand wél een initiatief neemt, het onvoldoende is. Ge moet maar durven. Of in de taal van CD&V Brussel : faut le faire!”

Voor de volledigheid ook nog even meegeven dat uiteraard ook Open VLD, Groen en SPa tegen de motie van Vlaams Belang stemden. Maar aangezien geen enkele van deze partijen in Brussel ooit ook maar één greintje bewijs heeft geleverd van enige Vlaamsvoelendheid, zal dat niemand meer verbazen.

Geen verbod op ongezond vlees van onverdoofd geslachte dieren in onze scholen. Ook Groen en N-VA weigeren voorstel te steunen

ons-gedacht-onverdoofd-slachten

Als het van o.m. Groen en N-VA afhangt zien we dit beeld de komende jaren nog meer 

Uit een rondvraag die het Vlaams Belang jaren geleden deed bij de Vlaams-Brusselse scholen bleek dat in heel wat scholen ook halalvoedsel wordt geserveerd. Zowat vijf jaar geleden serveerde trouwens reeds meer dan 10% van de Vlaamse scholen in Brussel enkel en alleen halalvlees – dus ook aan kinderen die helemaal niet islamitisch zijn.  Dat halalvoedsel is vaak afkomstig van dieren die onverdoofd werden afgeslacht.

Vooreerst zijn er natuurlijk de morele bezwaren die men kan opperen tegen deze manier van slachten, waarbij dieren nodeloos aan pijn en stress worden onderworpen. Uit een rondvraag van IPSOS bleek 88% van de inwoners in dit land tegen het onverdoofd slachten te zijn; en zelfs bij moslims is twee derde niet gekant tegen het verdoofd slachten. Maar naast de bezwaren die men kan uiten vanuit moreel oogpunt,  zijn er ook belangrijke gezondheidsproblemen bij deze manier van slachten.  Dit bleek enkele jaren geleden reeds uit de documentaire “La vérité si je mange” van de Franse zender France 5.

Overeenkomstig de wettelijke voorschriften van de EU dient de slachting plaats te vinden na de verdoving van het dier. Daarbij moet het hoofd van het dier naar beneden gericht te zijn, waarbij de slokdarm correct afgebonden moet worden. Er bestaat echter één uitzondering op deze EU-voorschriften, en dat is dus voor rituele slachtingen.

Een rapport van deskundigen, waarin de gezondheidsrisico´s in verband met rituele slachtingen werden genoemd, had onlangs al veel aandacht gekregen. Er wordt benadrukt, dat “het feit, dat men bij deze slachtmethode in feite niet in staat is de slokdarm van het dier af te binden zeer schadelijk voor de gezondheid van het slachtproduct is. De maaginhoud van het geslachte dier stroomt door de slokdarm terug en komt terecht in de anatomisch direct aangrenzende luchtpijp. Het gestreste dier ademt ondertussen sterk door en transporteert de maaginhoud, die rijk is aan allerlei kiemen, naar de longen. Daar kunnen de ziekteverwekkers gemakkelijk in het bloed terechtkomen. De doorbloeding wordt in de doodsstrijd bovendien nog bevorderd door alle belangrijke organen van bloed te voorzien, zodoende verspreidt het besmette bloed zich in het hele lichaam. Afgezien daarvan veroorzaakt de stress van de overlevingsstrijd heftige krampen, die ertoe leiden, dat het hele slachtgebied door urine en fecaliën verontreinigd wordt. Van slachthygiëne kan dus geen sprake zijn.”

In bovenvernoemde documentaire op de Franse televisie mocht ook de gerespecteerde toxicoloog Jean-Louis Thillier zijn zeg doen. Thillier is niet van de minste : hij is auteur van talrijke werken over voedselveiligheid en is tevens ook directeur of voorzitter van Euroscience Consulting. Thillier gaf over het onverdoofd slachten de volgende commentaar: “Deze toename van de besmetting van gehakt door Escherichia coli (bacteriën, die dodelijk kunnen zijn) houdt volgens mij verband met de toenemende consumptie van halal- respectievelijk koosjer vlees […], omdat dit zoveel bacteriën bevat, die voor de mens dodelijk kunnen zijn.” Ieder jaar sterven er in referentieland Frankrijk meer dan 100 kinderen aan de gevolgen van vergiftigingen door gehakt.

Zowel uit morele overwegingen (de praktijk van het onverdoofd slachten op zich) als uit gezondheidsoverwegingen is het dus onaanvaardbaar dat we in onze scholen dit soort voedsel aan onze kinderen zouden serveren.

Daarenboven zou een verbod op dit soort van voedsel in onze scholen op geen enkele wijze de godsdienstbeleving van islamitische kinderen in het gedrang brengen. Het argument van godsdienstvrijheid gaat helemaal niet op in dit debat – en is sowieso per definitie ondergeschikt aan het argument van de volksgezondheid en de gezondheid van onze schoolgaande jeugd.

Daarom diende het Vlaams Belang in de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie een motie in waarin gepleit werd om in onze scholen een verbod in te stellen op het serveren van vlees, afkomstig van onverdoofd afgeslachte dieren.

Dierenliefhebbers én mensen die inzitten met de gezondheid van onze kinderen mogen het weten:

– CD&V, Span Open VLD en Groen stemden tegen het voorstel

– N-VA was zoals steeds te laf om duidelijk standpunt in te nemen, en onthield zich

– Enkel en alleen het Vlaams Belang stemde voor het voorstel

Beleidsverklaring VGC :Brusselse Vlamingen derderangsburgers

vgcraadDe jaarlijkse beleidsverklaring van het College van de Vlaamse Gemeenschapscommissie was dit jaar werkelijk bedroevend.Bij mijn weten heeft geen enkel voorgaand College het ooit zo bont gemaakt, en zo een wanbeleid gevoerd naar de Nederlandstaligen in deze stad toe. Nooit voorheen is de totale onwil én de totale onmacht van een VGC-college zo frappant gebleken als nu. Nooit voorheen werd de oikofobie zo in het VGC-beleid verankerd, als vandaag.

Een onwil en onmacht die al blijkt uit het nochtans zoals steeds door het College luid bejubelde onderwijsverhaal. Een College dat zich blind staart op cijfertjes maar vergeet dat heel wat Brusselse Vlamingen uit de onderwijsboot vallen omdat er nu eenmaal een manifeste onwil bestaat om voor hen een degelijke voorrangsregeling uit te werken.  Als ik lees dat het College blijft “bouwen met talent, zodat ELK kind en ELKE jongere kan genieten van kwaliteitsvol onderwijs” kan ik enkel plaatsvervangende schaamte voelen. Kwaliteitsvol onderwijs is, ondanks de torenhoge inzet en motivatie van de talloze leerkrachten, helaas niet mogelijk in een klas waar het leeuwendeel van de leerlingen nauwelijks een gebenedijd woord Nederlands begrijpt. Een nieuw logo en een N-bordje aan de gevel zullen daar geen jota aan veranderen.

Hetzelfde troosteloze verhaal ook in de zorgsector. Ook daar een “alles gaat goed” verhaal over de Brusselaar die beroep kan doen op een breed en divers Nederlandstalig aanbod. De realiteit is echter dat het in Brussel met een vergrootglas zoeken is naar pakweg een Nederlandstalige huisarts, en dat in de instellingen die tweetalig zouden moeten zijn de Nederlandstaligen niet eens in hun eigen taal kunnen geholpen worden. In de Irisziekenhuizen kan je als Tutsi, Turk of Tsjetsjeen beroep doen op tolken, maar als Vlaming, als Nederlandstalige moet je er maar Frans praten of ophoepelen. Zelfs Vlamingen van buiten het hoofdstedelijk gewest die zich naar een Irisziekenhuis begeven krijgen later op hun adres in Vlaanderen  hun factuur enkel en alleen in het Frans opgestuurd. En opnieuw moeten we de vraag stellen: wat doet de VGC hier aan? Op welke manier zet het College zich in om hier eindelijk paal en perk aan te stellen? Op welke manier verdedigt dit College de belangen van de Brusselse Vlamingen? Het antwoord is helaas opnieuw: “niet”. Men laat begaan. Een regelrechte schande!

En intussen laat de Brusselse minister-voorzitter maar ballonnetjes op  om te morrelen aan de 17 Vlaamse verkozenen van het hoofdstedelijk parlement. Op zich weinig verrassend natuurlijk, want hij heeft reeds meermaals aangegeven geen minister-president te willen zijn voor de Brusselse Vlamingen. Maar opnieuw stellen we vast dat het VGC-College er naar staat te gapen als een koe naar een trein. Er kwam geen enkele reactie vanuit het VGC- College. Blijkbaar mag, kan of wil dit College haar francofone broodheren niet tegen spreken.

Dat verklaart ook direct waarom 50 jaar na datum de taalwetten in deze stad nog steeds dag na dag, week na week verkracht worden. Wie de jaarlijkse rapporten van de Brusselse vice-gouverneur er op naslaat kan niet anders dan vaststellen dat de taalwet in Brussel nog minder is dan een vodje papier. En dat de Nederlandstaligen in de openbare dienstverlening dus nog minder zijn dan tweederangsburgers.

En ja, ook hier horen we enkel maar de oorverdovende stilte vanuit het College. Geen enkel initiatief wordt genomen om hier verandering in te brengen. Het mag niet en het zal niet, zo beslissen de francofone broodheren in dit gewest.

Meer nog: over die schandalige taalwetsovertredingen mag niet eens gesproken worden. Ik herinner maar aan de discussienota die ik vorig jaar hierover indiende. Van partijen als Groen en SPa verwacht ik niets anders natuurlijk, hun eerste Vlaamse reflex moet nog altijd geboren worden. Maar ook Open VLD en de CD&V buigen slaafs voor de francofone dictaten, en verbieden ieder debat over de taalwetgeving. En wanneer de laatste Brusselse Vlaming binnenkort het licht uit doet zullen ze het uiteraard “nicht gewusst haben”.

Vooral de houding van Open VLD is in dit hele dossier meer dan bedenkelijk te noemen. Zo wijdde het tijdschrift “De Brusselse Post” afgelopen zomer een nummer aan 50 jaar taalwetgeving, waarbij iedere partij uit de VGC naar haar standpunten werd gevraagd. Nu is het zo dat De Brusselse Post een blad is van het Vlaams Komitee voor Brussel – een vzw die vrijwillig doet wat eigenlijk de verdomde plicht is van dit College: namelijk het verdedigen van de belangen van de Brusselse Vlamingen. Maar wat durft de Open VLD zeggen: dat die Vlamingen die die onverkort blijven ijveren voor niets meer dan het toepassen van de wet mensen met een enge geest zijn.

En dat vat inderdaad de politieke visie van heel dit College samen: wie op wil komen voor de belangen van de Brusselse Vlamingen, wie nog maar durft te ijveren voor de correcte toepassing van de wet, is een extremist en moet monddood gemaakt worden.

Men zegt wel eens dat een volk de leiders heeft die het verdient. Maar ik weiger te geloven dat een volk ooit zo slecht kan zijn dat het moet opgescheept worden met het huidige VGC-college.

 

http://www.bruzz.be/nl/video/reacties-vgc-beleidsverklaring-mist-visie